Select country/language:

Ziekenhuis Refaja

Refaja in drie weken over op Mosos

Onlangs is de afdeling Obstetrie & Gynaecologie van het Refaja ziekenhuis in Stadskanaal overgegaan op Mosos. Zonder hindernissen, dankzij een gedegen voorbereiding en een projectgroep met daarin afdelingshoofd Ella Mulder en gynaecoloog Michaela Kalafusova. Dit is hun verhaal.

De zorg voor moeder en kind is in Stadskanaal uitstekend geregeld. Er is zelfs een preconceptioneel spreekuur, speciaal voor vrouwen die te dik zijn, medicijnen slikken of een bepaalde aandoening hebben, maar toch een kinderwens koesteren. Op die manier kunnen de gynaecologen van het Refaja de risico’s tijdens de zwangerschap tot een minimum beperken. In geval van nood is er nog altijd het UMCG in Groningen. Michaela Kalafusova: ‘Per jaar doen we hier ongeveer 500 klinische bevallingen en 150 poliklinische. Bij complicaties beneden de 32 weken gaan de moeders naar het UMCG, waar ze kunnen worden opgevangen in de speciale NICU (Neonatal Intensive Care Units).’

Koppeling met eigen ZIS
De implementatie van Mosos is nagenoeg rimpelloos verlopen. Dat had alles te maken met de grondige voorbereiding. Er moest bijvoorbeeld een koppeling komen met het eigen ZIS. Ella Mulder: ‘Ik ben als projectleider in beeld gekomen toen het management en de afdeling ICT er samen uit waren wat er moest komen. Speciale aandacht was er bij ons voor de koppelingen met xCare, ons eigen ZIS. Daar zijn veel afdelingen op aangesloten. De anamnese en het preoperatieve traject gebeuren hier via xCare en het was dus van belang dat de verloskundigen en gynaecologen in Mosos met dat systeem konden praten.’ De overgang op Mosos was in elk geval echt nodig. Kalafusova: ‘Onze afdeling liep achter. We reden al die tijd ook met karren rond vol hele dikke statussen. Daarom ben ik heel blij dat het Refaja nu in een keer Mosos <P>, <O>, <U> en <CTG> heeft aangeschaft. Dit systeem is veel veiliger dan ons oude systeem. Een papieren dossier ligt altijd maar op een plek en als je nu wordt gebeld kun je direct de status inzien. Wel hebben we in de projectgroep goed nagedacht over de autorisatie van de gebruikers. Gynaecologen, verloskundigen en de verpleegkundige afdeling moeten natuurlijk altijd in Mosos kunnen werken. Maar de anesthesisten en de OK hoeven alleen maar in Mosos te kunnen om gegevens te checken via een raadpleegfunctie.’

 

In drie weken over naar Mosos
Een implementatie van Mosos is geen sinecure. Iedere afdeling is uniek, met eigen unieke wensen en voorkeuren. In Stadskanaal is ervoor gekozen om niets aan het toeval over te laten. Mulder: ‘In maart 2012 was duidelijk wat we wilden en is er een voorlichtingsbijeenkomst geweest voor alle medewerkers die met Mosos te maken zouden krijgen. Samen met BMA hebben we een plan opgesteld voor een snelle implementatie, inclusief scholing. Deze heeft eind mei van vorig jaar plaatsgevonden. BMA heeft ons van tevoren een specificatie gestuurd wat er intern allemaal nodig was aan infrastructuur. Dat heeft enkele maanden gekost. Na die lange en grondige voorbereiding waren we eigenlijk in drie weken over op Mosos. Persoonlijk was ik blij dat het Klinisch Dossier er nog niet bij zat, omdat de implementatie van Mosos <P>, <O>, <U> en <CTG> complex genoeg was. Mosos is op dit moment het enige systeem dat de gehele zwangerschap goed in kaart brengt. Voor sommige mensen is het wel wennen aan de tabbladen. Je moet er zeker van zijn dat iedereen de gegevens op de juiste plek invoert. Dat is een aandachtspunt.’ Het is nog te vroeg om uitspraken te doen over de daadwerkelijke impact van Mosos op de afdeling, maar terugkijken kan wel. Kalafusova: ‘Als er al iets in dit traject is misgegaan, dan ging het echt om kleine details. Voor een CTG wil je als ziekenhuis graag een speciaal hygiënisch toetsenbord hebben en in eerste instantie kregen we de verkeerde. Bij ons leek het even alsof mensen met een raadpleegfunctie toch gegevens in Mosos konden wijzigen, maar bij navraag bleek dit een kleine onvolkomenheid te zijn die overigens ook snel werd verholpen. Wat voor ons heel belangrijk was: je weet dat je een pakket koopt dat al functioneert in de meeste ziekenhuizen in Nederland. Helaas zijn er geen eigen ingrijpende aanpassingen mogelijk, maar er is ieder jaar wel een upgrade en voor die tijd vraagt BMA de gebruikers wat er in de praktijk anders zou moeten.’

Wet- en regelgeving staat veilige zorg in de weg
Werken met Mosos is altijd en overal toegang tot cruciale patiënt-gegevens. Maar wat als een patiënt met spoed wordt over-geplaatst? Dan ontstaat er een probleem door wet- en regel-geving. Mulder: ‘Wat ik echt niet begrijp is dat als wij een patiënt overdragen aan het UMCG in Groningen, dat de digitale patiëntgegevens die wij hebben daar dan niet digitaal kunnen worden ingezien, ook al werken we allebei met Mosos. Dat ligt niet aan het systeem maar aan de wet- en regelgeving, laat dat duidelijk zijn. In de praktijk betekent dit dat wij in het Refaja de gegevens die we uit Groningen terugkrijgen fysiek moeten scannen om ze dan in Mosos te hangen. Dat is echt een hiaat in de obstetrische zorg. Simpel gezegd is de veilige overdracht van zwangere patiënten op deze manier niet gegarandeerd. Een arts moet gewoon altijd bij patiëntgegevens kunnen, ook digitaal.’ De geautoriseerde inzage dan wel de uitwisseling van patiëntgegevens die in verschillende elektronische patiëntendossiers zijn vastgelegd is nog een issue in verloskundig Nederland. Een eerste stap is in Stadskanaal echter gezet met de vervanging van het grotendeels papieren dossier. Door het Mosos- systeem van BMA.

Interested in our solutions?

Please fill in the form and we will contact you within 2 days
Betere zorg voor
moeder en kind
0 weeks
40 weeks
48 weeks